• Sportpark Isselt

    Dit deel beschrijft de periode dat Cobu Boys op Sportpark Isselt speelde, van 1976 tot de verhuizing naar Sportpark Zielhorst in 1989

  • Naar Sportpark Isselt

    In de periode op Sportpark Metgensbleek deelde Cobu Boys de kantine nog met de korfbalvereniging. Maar dan, 12 jaar later, in 1975, kon het bestuur trots het volgende bericht rondsturen:

    Voor het eerst sinds het ontstaan van Cobu Boys, nu 29 jaar geleden, hebben we de beschikking over een eigen sportpark en een eigen clubhuis: Sportpark Isselt, gelegen aan de Heliumweg in Amersfoort.

    Hoewel het sportpark en de kleedkamers werden toegewezen door de gemeente, bouwden we onze kantine volledig zelf, dankzij de gezamenlijke inzet van velen. Op 26 april 1975 vond de feestelijke opening van het clubhuis plaats. Maar voordat het zover was, moesten eerst lichtmasten worden geplaatst—wat begon met het graven van een lange geul en eindigde met het zelf bevestigen van de lampen aan de masten. Jim van de Kuil heeft hierin een grote bijdrage geleverd.

    Stipt om vier uur overhandigde ons jongste lid, Jan-Willem Hesseling, een rood-zwarte bal aan de heer Louk van de Werf, een van de oudste en trouwste leden. Met een krachtige trap schoot hij de bal door de papieren voetballer die de ingang van de kantine markeerde, waarmee het clublokaal officieel werd geopend. Direct na de opening lieten onder anderen de heren Lieshout, Verschuur en Hienekamp van ASLOS hun aanwezigheid blijken (de ASLOS is de voorloper van de SRO).

  • 1976-1986, een moeilijke periode

    Hoewel we trots waren, bracht de verhuizing ook nadelen met zich mee. Tijdens onze tijd aan de Metgensbleek had het bestuur negatief gereageerd op de vraag van Aslos of wij ons verbonden voelden aan deze wijk. Zo niet, zouden we dan bereid zijn te verhuizen naar een complex in een buurt met voornamelijk jonge gezinnen? Deze principiële toezegging had bijna rampzalige gevolgen.

    Toen Aslos uiteindelijk plek had om ons tijdelijk onder te brengen (wat achteraf elf seizoenen duurde), moesten we direct verhuizen. Door deze overgang kromp ons ledental aanzienlijk, vooral bij de jeugd: we hielden nog maar 3,5 seniorenteams en één jeugdelftal, junioren A, over. Doordat er geen nieuwe pupillen uit Het Soesterkwartier kwamen, ontstond er geen gezonde organisatiestructuur, ondanks grote inspanningen van het jeugdbestuur in het begin.

    Henk Idzerda, een van de jeugdleiders die een groot aantal vrije uren gestoken heeft in ons clubleven, verhaalt over zijn Cobu Boys jaren. “Na de verhuizing van Metgensbleek naar de Isselt, verloor Cobu Boys veel jeugd.” Er kon met moeite nog maar één elftal opgesteld worden en dit was wel erg zuur, omdat een voetbalclub zonder jeugd geen club meer is! Er moest dus jeugd bij komen, maar hoe? Er is toen huis aan huis in het Soesterkwartier en op het woonwagenkamp rondgegaan en er werden 1600 folders uitgedeeld met informatie over Cobu Boys. Het resultaat was bedroevend, slechts één nieuw lid!

  • Naar Hindeloopen

    De koppen werden weer bij elkaar gestoken en Cobu Boys kreeg het plan om van alles te gaan organiseren, zoals toernooien, sportdagen, penaltybokaal, filmavonden, bingo's, Sinterklaasfeest en een voetbalkamp. Het voetbalkamp was het duurste en daarom moeilijk haalbaar. Er werden dus acties opgezet, zoals verlotingen, stickers, kaarsen- en koekverkoop en een oliebollenactie. De Cobu Boys jeugd en leiders waren al snel de schrik van de buurt, familie en kennissen, want als je ze tegen kwam, moest er altijd wel iets van ze gekocht worden ten bate van de club.

    Maar er kwam toch geld genoeg binnen en we konden voor de eerste keer vertrekken in een grote bus naar Hindeloopen. Dat was met drie elftallen en voor drie dagen. Er werd daar gevoetbald, een sportdag en een dropping georganiseerd.

    Het werd een geweldig succes en het geheel was voor herhaling vatbaar. Het tweede jaar gingen we met vijf elftallen en voor vier dagen weer naar Hindeloopen. Het derde jaar gingen we weer, maar nu voor vijf dagen met zeven elftallen en hun leiders, in totaal 84 personen. Dat betekende veel acties om geld bijeen te krijgen, wat ertoe leidde dat de voorzitter en secretaris van de jeugdafdeling een paar maal op het politiebureau moesten komen om zich te verantwoorden voor het ontbreken van een ventvergunning en nog een aantal kleine onschuldige dingen.

    Dit derde jaar was wel een topjaar voor de jeugdafdeling. Nog nooit had Cobu Boys zeven jeugdelftallen gehad. Deze jeugdkampen waren alleen mogelijk door de inzet van de kinderen zelf en de tomeloze inzet van een tiental jeugdleiders en twee A-junioren, toen al spelend in de senioren. Het was een fantastische tijd en de Cobu Boys jeugd was een grote vriendenclub, inclusief leiders", aldus Henk Idzerda. 

  • Kampioen in 1981

    Inmiddels was wel weer een nieuwe generatie jeugdspelers doorgegroeid naar de senioren. Wim Anema had de training van Hans van Eeden overgenomen en vormde een elftal rond spelers als Ralf Sargent, Rini van de Bor, Marcel van Dijk, Arthur van Riel, Jan Willem de Jong en anderen. Spelend in de 1e klasse van de Afdeling Utrecht, moesten ze afhaken voor een nieuw te vormen hoofdklasse. Een paar jaar later sloeg het degradatiespook toe. In de beslissingswedstrijd op 2 mei 1980 in Hoogland moesten ze 2 minuten voor het einde de eer laten aan Hees, 0-1. In 1981 kwam het eerste weer sterk terug. Met een 6-0 overwinning op Soesterberg werd het kampioenschap veroverd en waren ze weer terug in de 1e klasse.

  • Staand van links naar rechts: Carl Ouwerkerk, Marcel van Dijk, Rini van de Bor, Henk de Regt, Jan Willem de Jong, Arthur van Riel, Bertus Sandbrink, Ralph Sargent, en Henri Rigterink

    Gehurkt, van links naar rechts: René Koenen, Henk Polhout, Bouke Veldman, Guus Hendrikse, Gerrit van Beek (grensrechter), Hans van Soeren, en Wim Anema (trainer)

  • Een sombere toekomst...

    Het jubileumboek dat bij het 40-jarig jubileum uitgegeven werd, eindigde somber. In het stadsblad "De Stad Amersfoort" van 17 april 1985, schrijft de auteur van een artikel somber over onze vereniging. Ook hij verhaalt over de overgang van Metgensbleek naar De Isselt, over het algemeen teruglopend kindertal in gezinnen, over de opkomst van de zaalsporten etc. Zelfs oppert hij nog fusiemogelijkheden met andere kleine voetbalverenigingen met identieke problemen. Hij vraagt zich af of Cobu Boys 1989 haalt, het jaar waarin eindelijk de beloofde verhuizing naar Zielhorst zal plaatsvinden.